Achter iedere boomgaard schuilt een persoonlijk verhaal. In het Rivierengebied zijn we trots op onze telers. Maak kennis met de mensen die het fruit met passie en vakmanschap telen.
Familie Gebroeders van Haarlem en Zonen teelt appels en peren in boomgaarden die zich uitstrekken langs de Linge. De ligging aan de rivier maakt deze plek al generaties lang geschikt voor fruitteelt. Tegelijk vraagt het water om voortdurende aandacht en ervaring. Juist die combinatie van landschap en vakmanschap vormt de basis van het familiebedrijf.
‘Er gebeurt zoveel in de boomgaard, mensen hebben daar geen idee van’
Het areaal van de Gebroeders van Haarlem beslaat 100 hectare, 40 hectare en 60 hectare peren. , ,Ze liggen verspreid, we meanderen langs de Linge. Van Rumpt, Beesd, Tricht, Buurmalsen tot Asch. De Linge is heel belangrijk voor de fruitteelt’’, vertelt Erik van Haarlem. Bij de appels domineren de Elstar, bij de peren de Conference, naast de Migo. Gebroeders Van Haarlem is wel overgegaan op het nieuwe appelras Bloss. ,,Bij dit ras reduceer je de gewasbeschermingsmiddelen.’’
Klimaatverandering
De fruitteler merkt de laatste jaren sterk dat het klimaat verandert. ,,Ik ben bang dat de Elstar het in de toekomst hier niet meer volhoudt. De hitte verdragen ze niet. Dan schuift dat ras op richting het noorden. De Conference kan daar beter tegen, die gedijt wel bij hogere temperaturen. Goed overleg en samenwerken met gemeenten is van groot belang. Door de klimaatverandering heeft de één soms te veel water, en de ander te weinig. Het gebied moet beter afgestemd worden op de toekomst. Door water vast te houden, in plaats van het zo de Linge in te laten stromen.’’
Witte bomen
Van Haarlem heeft net als zijn collega’s te maken met onwetendheid en vooroordelen van de publieke opinie. ,,Laat ik een mooi voorbeeld geven. We spuiten de bomen in het voorjaar wit met een substantie van klei. Dat doen we om te voorkomen dat de perenbladvlo eieren gaat leggen. De mensen denken dan ‘wat gebeurt er allemaal’. Dat moeten we goed uitleggen. Er gebeurt zoveel in de boomgaard, mensen hebben daar geen idee van. We zorgen ervoor dat natuurlijke vijanden van de luizen en schimmels goed gedijen zoals de oorworm. Oorwormen eten bladluizen, rupsen en eitjes van plaaginsecten.’’
Tot slot stipt Van Haarlem nog een belangrijk punt aan: ,,Als wij helemaal niets meer mogen dan kunnen supermarkten niet verwachten dat het fruit perfect moet zijn zonder krasje of spikkeltje. Ondertussen doen wij hard ons best om gedurende het jaar gezond en smakelijk fruit te telen.’’
